De fusie

De oorlog betekende voor de drie verenigingen een periode van ellende. Immers, het sportpark Velserweg werd ontruimd voor de bezetter, die daar een basis vestigde. Zoveel mogelijk bezittingen werden ondergebracht bij de leden van de verenigingen. Het geheel werd geadministreerd, zodat bekend was wie wat onder zijn hoede had genomen. Voetballen was er niet meer bij en dat hield tevens in dat er ook onderling weinig kontakten waren.
In het begin van de oorlog echter werden al de eerste pogingen ondernomen om een fusie tot stand te brengen tussen twee verenigingen, namelijk D.O.S.S. en Constantius. Deze eerste pogingen liepen op niets uit, daar de ledenvergadering van D.O.S.S. niet in kon stemmen met deze fusie. Constantius echter was wel bereid met D.O.S.S. in zee te gaan. In 1944 dan begonnen de plannen voor de grote fusie te rijpen. In deze fusie zouden dan in eerste opzet D.O.S.S., Constantius, Gezellen Vier en Wilskracht betrokken worden. Wilskracht echter viel al spoedig af, daar zij hun naam gehandhaafd wilden zien als naam van de nieuwe vereniging. Daar gingen de andere drie niet mee akkoord.
In februari 1945 werd in het St. Aloyiusgesticht in de Elandstraat de grondslag gelegd. Op die bijeenkomst werd besloten na de oorlog een fusie tot stand te brengen tussen D.O.S.S., Constantius en Gezellen Vier.
Kort na de oorlog werden inderdaad de contacten hernieuwd en na nog enkele voorbereidende besprekingen werden op 11 september 1945 maar liefst 4 vergaderingen gehouden in het Roothaanhuis aan de Rozengracht. Om 19.45 uur werden daar drie ledenvergaderingen gehouden, waarin het plan voor de fusie aan de leden werd voorgelegd. Met algemene stemmen besloot men de stap te zetten, waarna de oprichtingsvergadering werd gehouden.
Hiermede was D.C.G. een feit. Door Combinatie zou men inderdaad Groot worden.
Op 11 september 1945 begon dus het nieuwe leven van de drie clubs onder de naam D.C.G.. Alle drie de verenigingen hadden een even grote inbreng, want door de oorlog was er weinig overgebleven van wat er opgebouwd was. Besloten werd een bestuursraad te vormen, waarin alle bestuursleden van de drie werden opgenomen. Totaal was dat zo’n 19 man. Na een jaar zou een definitief bestuur gevormd worden. Dat gebeurde op 25 mei 1946, toen de volgende samenstelling werd bereikt en het eerste D.C.G.-bestuur tot stand kwam. Het voorzitterschap werd bekleed door de man, die de grote stimulator was achter de fusies. De man die het geheel eigenlijk aan het rollen gebracht had en daarmede de grondslag legde voor het D.C.G. van nú was A.B.J. de Ruyter. Secretaris werd de heer Nijland, de heer A. Amende bekleedde de post van penningmeester. De overige bestuursleden waren de heren F. Snijdewind, G. Lammers, J. Vendrik, E. van Kemenade (de vader van de huidige Commissaris van de Koningin van Noord-Holland), J. Ravelli en J. Amende.

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!